Hoofdmenu‎ > ‎Nieuws‎ > ‎

Nieuws 2005

Hieronder vindt u alle nieuwsberichten uit 2005.

Mini-expositie over Muziek in de vorm van ontvangers en grammofoonplaten (aug. t/m okt. 2005)

Geplaatst 26 aug. 2010 00:54 door Vereniging Oud vriezenveen   [ 26 aug. 2010 00:54 bijgewerkt ]

Anton Ruhof: Daar zit muziek in! In de komende drie maanden augustus, september en oktober 2005 staat de collectie Muziek in de vorm van ontvangers en grammofoonplaten van Anton Ruhof centraal. De komende drie maanden is er tijdens de openingsuren in het museum een selectie uit zijn verzameling te zien.

Anton Ruhof werd op 26 juni 1933 op het Oosteinde in Vriezenveen geboren op de bescheiden pachtboerderij van zijn ouders. De boerderij toen nog wijk III-318, daarna Oosteinde 53 heeft inmiddels plaatsgemaakt voor een bedrijfspand. In 1979 zijn ze met hun boerenbedrijf verhuisd naar de Hofmannsweg, waar Anton samen met zijn vrouw Johanna wonen op het erf met hun zoon Hans en Connie, die de boerderij voortzetten.

"Muziek van Beat tot Bach" is zijn grootste passie en dat was al op jonge leeftijd het geval. Het begon allemaal met radio luisteren en pas later in het midden van de vijftiger jaren deed de grammofoon zijn intrede in huize Ruhof. Hij kocht zijn eerste zwarte schijfje bij Meibergen in Almelo, waar hij toen fl. 3,75 voor betaalde. Anton Ruhof kwam als tiener regelmatig in de stad, omdat zijn vader daar aardappels verkocht. Het was een heel bedrag, dat hij moest neertellen voor zijn eerste singletje van 78 toeren. Het was "Streamline Cannonball" van Tennessee Ernie Ford. De plaats is niet meer verkrijgbaar en zelfs niet te downloaden.

Onze Vriezenveense verzamelaar bouwde zelf zijn eerste platenspeler met een fietsdynamo en een fietsas en een radio als versterker. Anton:"Je moest eerste de dynamo op toeren brengen. En met een beetje feeling lukte dat aardig voor de 78-toeren plaat. Nu heb je een stroboscoop, die het toerental bepaalt. Je had wat. En het klonk vrij goed." Anton Ruhof was ongetwijfeld de eerste Vriezenvener, die zijn koeien liet meegenieten van zijn liefde voor muziek. Over door het huis en de stal liepen draden en zo had hij al vroeg muziek "achter de koeien". En die passie voor muziek, radio's en zwarte schijfjes is altijd gebleven en bloeide weer op na 1987, toen hij, gedwongen door een beenoperatie, het rustig aan moest doen. Naar Weerselo en rommelmarkten.

En ook na zijn pensionering in 1995 werd er nog meer tijd vrijgemaakt voor de grote hobby. "Ik kan met gemak drie uur in een platenzaak rondlopen. Een hele goeie plaat is nog altijd beter dan een CD". Het is vooral Engelstalige muziek uit de vijftiger en zestiger jaren, waar de belangstelling van Anton naar uitgaat.

De mini-expositie van Anton Ruhof zal hoofdzakelijk bestaan uit oude radiotoestellen en een greep uit zijn omvangrijke collectie grammofoonplaten. De komende drie maanden staat de mini-expositie in het Museum Oud Vriezenveen (dagelijks geopend van 10.00-16.00 uur)in het teken van de muziek en de collectie van Anton Ruhof.

Persbericht van de Vereniging Oud Vriezenveen van 26 augustus 2005.

Mini-expositie over Militaria uit WO II (mei t/m jul. 2005)

Geplaatst 26 aug. 2010 00:53 door Vereniging Oud vriezenveen   [ 26 aug. 2010 00:54 bijgewerkt ]

In de komende drie maanden mei, juni en juli 2005 staat de collectie Militaria van Bert Sluijer (20-11-1963) centraal tijdens de openingsuren in het museum Oud Vriezenveen. De Vriezenveense verzamelaar heeft een uitgebreide belangstelling voor met name de Tweede Wereldoorlog en in het bijzonder de luchtoorlog in de jaren 1940-1945. Zijn eigen privé-museum thuis herbergt een schat aan voorwerpen, uniformen en documenten, die veelal te maken hebben met de luchtmachten uit de laatste wereldoorlog.

De Vriezenvener Bert Sluijer is al vanaf zijn vijftiende een verwoed verzamelaar. Sinds eind zeventiger jaren begon zijn verzamelvirus te werken, die vooral werd aangewakkerd door zijn opa Albertus Keijzer. Hij bewaarde van alles: van oude turfgereedschappen tot kapotte weefspoelen van Jansen & Tilanus, maar ook distributiekaarten en persoonsbewijzen. Dat materiaal vormde de basis voor de collectie van Bert Sluijer.

De verzameling van Bert Sluijer groeide, hij struinde antiek- en vlooienmarkten af. Door zijn bijzondere belangstelling voor oorlogsmateriaal kreeg hij ook steeds meer spullen van allerlei mensen. Ook door een NCRV- televisiedocumentaire 'De tijd stond even stil" van Jan van Hillo werd het verzamelen nog versterkt. De laatste twaalf jaar is hij vooral geïnteresseerd in het thema "luchtoorlog" en het onderzoek naar vliegtuigen uit de Tweede Wereldoorlog. Met zijn vrouw heeft hij bij menig onderzoek naar vliegtuigwrakken zich verdienstelijk gemaakt.

In het verleden heeft Bert Sluijer meerdere keren voorwerpen uit zijn omvangrijke collectie tentoongesteld. Zo was hij betrokken bij exposities in de Middenschool over het thema "Tweede Wereldoorlog" in 1980 en 1985 en bij soortgelijke tentoonstellingen in Vroomshoop in 1990,1995 en 2000. Ook voor een grote luchtoorlogtentoonstelling in 1999 in het Stadsmuseum te Almelo waren nummers van hem te bekijken. Naast zijn verzameling van voorwerpen, uniformen en documenten maakt hij ook studie van veel gebeurtenissen uit De Tweede Wereldoorlog in onze omgeving.

De mini-expositie van Bert Sluijer zal worden opgebouwd rond vier thema's: Het eerste gedeelte zal gaan over het opkomende Nazisme en de mobilisatie. Het tweede gedeelte gaat over de schaarste en distributie tijdens de oorlogsjaren. Het derde deel zal bestaan uit militaria over de luchtoorlog en het vierde gedeelte van de mini-expositie bevat voorwerpen over de Bevrijding.

De komende drie maanden staat de mini-expositie in het Museum Oud Vriezenveen (dagelijks geopend van 10.00-16.00 uur) in het teken van de Tweede Wereldoorlog en de collectie van Bert Sluijer.

Persbericht van de Vereniging Oud Vriezenveen van 9 mei 2005.

Mini-expositie over Militaire Miniaturen (feb. t/m apr. 2005)

Geplaatst 26 aug. 2010 00:52 door Vereniging Oud vriezenveen   [ 26 aug. 2010 00:53 bijgewerkt ]

In de komende drie maanden is in Museum Oud Vriezenveen de mini-expositie gewijd aan militaire miniaturen. Tijdens de openingsuren van het museum is een deel van de oorlogsminiaturen te bezichtigen van de Vriezenveense modelbouwer en verzamelaar Bennie Kobes.

Deze bouwer en verzamelaar van "legermateriaal in miniatuur" laat de topstukken uit zijn collectie zien. De belangstelling voor modelbouw werd bij hem gewekt op jonge leeftijd toen hij op school met Sinterklaas een modelvliegtuig kreeg. Daarna begon hij vooral vliegtuigen uit de Tweede Wereldoorlog te bouwen en bekende modellen zoals de Starfighter en de Saab Viggen. Maar gelet op het ruimtebeslag stapte hij over op modelvoertuigen. Daarbij spelen vooral de miniatuurmodellen uit de Tweede Wereldoorlog een belangrijke rol.

Bennie Kobes werd lid van de landelijke vereniging voor modelbouwers en de collectie groeide uit tot honderden gebouwde miniaturen en evenzoveel pakketten. De gebouwde collectie van de bouwer/verzamelaar is inmiddels uitgegroeid tot ruim driehonderd miniaturen. Vooral de voertuigen uit de Tweede Wereldoorlog hebben daarbij zijn interesse. "Als bouwer ben je niet alleen bezig met het verzamelen van steeds nieuwe modellen, maar bestudeer je ook de geschiedenis daaromheen" aldus Bennie Kobes. Vandaar dat de boekenkast niet alleen gevuld is met gidsen en catalogi over modelbouw, maar ook met historische boeken over de tijd, waarin het bepaalde defensiemateriaal werd gebruikt. Naast de gebouwde miniaturen heeft de exposant ook honderden pakketten van modellen, die soms wel tientallen jaren oud zijn.

Voor een nadere kennismaking met een deel van de modelbouwminiaturen van Bennie Kobes kunt u van februari tot en met april tijdens de openingsuren (ma. t/m vr. van 10.00-17.00 uur) terecht in het Museum Oud Vriezenveen.

Persbericht van de Vereniging Oud Vriezenveen van 11 februari 2005.

Succes van brandmusical overtreft verwachtingen

Geplaatst 25 aug. 2010 02:25 door Vereniging Oud vriezenveen   [ 25 aug. 2010 02:30 bijgewerkt ]

Het enorme succes heeft ze volledig overdonderd. ‘Onvoorstelbaar, ik leef helemaal in de wolken’, zegt regisseur Lillian Ho Sam Sooi van de musical ‘Brand Meester’, die de afgelopen drie dagen door kinderen in Vriezenveen is opgevoerd.

De speciaal ter gelegenheid van de Grote Brand geschreven musical trok telkens een stampvolle zaal. Lillian Ho Sam Sooi: ‘In het verenigingsgebouw zijn vierhonderd zitplaatsen. We hadden er 28 losse stoelen bijgezet, maar nog was het niet genoeg. Sommige mensen waren zo aardig hun kinderen op schoot te nemen, zodat er nog meer mensen in konden.’

Desondanks moesten belangstellenden worden teleurgesteld. Verscheidene mensen kwamen voor niets langs bij het museum Oud-Vriezenveen omdat de kaarten waren uitverkocht. Lillian: ‘Maar wie zich ’s avonds meldde bij de zaal hebben we een plaatsje kunnen bezorgen.’

De enorme belangstelling voor de musical lijkt mede veroorzaakt door het grote enthousiasme over de kwaliteit van de inhoud en de uitvoering. Na de eerste uitvoering dinsdagavond sprak zich razendsnel in het dorp rond dat je dit spektakelstuk niet mocht missen. Hillian Ho Sam Sooi is als lid van het Almelose revuegezelschap Servus wel wat gewend, maar dit sloeg alles. ‘We zijn echt overladen met complimenten.’ In de musical werd een beeld gegeven van wat zich honderd jaar geleden in Vriezenveen afspeelde. Niet op sombere wijze, maar met een knipoog en het gebruik van veel woordspelingen. Zo vroeg koningin Wilhelmina, na de smeekbeden van de door de brand gedupeerde burgers te hebben aangehoord, op haar beurt de burgemeester om vuur voor haar sigaret. Tekstschrijver Jan IJmker liet ook de schoolmeester kort voor het uitbreken van de brand de leerlingen het ‘vuur aan de schenen’ leggen.

IJmker gebruikte voor de musical bekende hits als ‘Fire’ van de Pointer Sisters en ‘Money, money, money’ van Abba. Op de muziek werd ‘vurig’ gedanst door de jazzdansgroep van KEV, die daarmee een groot aandeel had in de opvoering.

De kinderen die in de musical speelden en zongen kwamen nadat de eerste spanning was verdwenen steeds beter op dreef. Burgemeester Koetje van Twenterand was zo enthousiast dat hij zijn jonge ‘collega’ spontaan op het podium de hand drukte.

Artikel uit De Twentsche Courant Tubantia van 20-05-2005.

Liever broand kiekn dan brandweerman worden

Geplaatst 25 aug. 2010 02:23 door Vereniging Oud vriezenveen   [ 25 aug. 2010 02:24 bijgewerkt ]

Zo’n duizend ‘broandkiekers’ hadden zich gisteren verzameld op het Tilanusplein. Twee huisjes stonden in brand, een clown had dorst en een bal moest dansen op water. De brand had alles te maken met de festiviteiten rond de herdenking van de Grote Brand, 100 jaar geleden.

De woensdagmiddag was voor de jeugd en de brandweer Twenterand rukte met veel personeel en waterslangen uit om het voor hen zo leuk mogelijk te maken. De kinderen stonden in een lange rij om onder toeziend oog van de brandweermannen een in lichterlaaie staand huis te blussen. Dat lukte natuurlijk nooit, want het fikkie werd bevoorraad door middel van gasflessen. Bij het andere decorstuk moesten de ramen opengespoten worden en natuurlijk zo snel mogelijk. Ook was een stukje behendigheid nodig om een grote, houten clown vol in zijn geopende mond te spuiten.

Daarnaast was een soort van glijbaan neergezet waar je door water te spuiten de bal zo lang mogelijk op het hoogste punt kon houden. ‘Als ie er af valt ben je af’, legde Wout Borger (9) uit. Hij zag kans dit een paar minuten vol te houden en hij vond het leuk om te doen. Later brandweerman worden leek hem overigens maar niks. ‘Dat water is veel te koud’, zei hij bibberend.

Zijn broertje Obed (5) was dezelfde mening toegedaan. Hij moest de raampjes openspuiten en dat lukte goed. ‘Was niet moeilijk’, zei hij stoer. Maar nee, ook hij wil later niet de brandweer versterken. De brandweermannen zelf hadden in elk geval veel plezier.

Vanuit het museum kregen ze af en toe een ‘brandkoek’ toegestopt. Deze koek is speciaal voor de herdenking gebakken.

Artikel uit De Twentsche Courant Tubantia van 19-05-2005.

Stijlvolle herdenking ‘Honderd jaar Grote Brand’

Geplaatst 25 aug. 2010 02:21 door Vereniging Oud vriezenveen   [ 25 aug. 2010 02:22 bijgewerkt ]

De herdenkingsweek van ‘Honderd jaar jaar Grote Brand in Vriezenveen’ begon gistermiddag met een bijeenkomst in de Grote Kerk. Daarvoor was een gevarieerd en stijlvol programma met een aantal sprekers samengesteld waardoor de aanwezigen een goed beeld kregen van wat zich honderd jaar bij deze catastrofe heeft afgespeeld. Daar draagt zeker ook de tentoonstelling oevr de brand aan bij die in de Peddemorsboerderij wordt gehouden.

Oud-Vriezenvener notaris G. Post uit Ommen schetste de situatie, waarbij op een groot scherm foto’s van de brand werden geprojecteerd. Nieuwscoördinator D. Jansen van de NOS (eveneens oud-Vriezenvener) belichtte de gevolgen, de verwerking en de indrukken die na een eeuw nog hun uitwerking hebben. Jansen trok daarbij een parallel met de vuurwerkramp in Enschede. Aanwezig was ook de commissaris van de koningin in Overijssel, mr. G.J. Jansen.

Hij herinnerde aan het feit dat grote rampen steeds herdacht worden. ‘We leren van het verleden’, zei hij. ‘In het heden wordt het verleden meegenomen en het ‘nu’ is in de toekomst.’ Zorgen vor de veiligheid voor de burgers is bij een ramp heel belangrijk, volgens de commissaris van de koningin. ‘Burgemeesters moeten in dat geval soms lastige beslissingen nemen en ze moeten daarbij soms de rechten treden die je in normale omstandigheden als burger kunt laten gelden.’ De bijeenkomst werd muzikaal opgeluisterd door orgelmuziek, een aantal liederen van het Christelijk Mannenkoor Vriezenveen en door een houtblazersensemble van de Vriezenveense Harmonie.

Na de bijeenkomst opende burgemeester Koetje in de Peddemorsboerderij een tentoonstelling over de Grote Brand. Tevens kreeg hij van auteur H. Boonstra het eerste boek overhandigd over de ramp van 1905 en de Vriezenveense brandweer.

Artikel uit De Twentsche Courant Tubantia van 17-05-2005.

Auteur brandweerboek ‘Jammer dat zo weinig mensen in 1905 hun ellende hebben opgetekend’

Geplaatst 25 aug. 2010 02:20 door Vereniging Oud vriezenveen   [ 25 aug. 2010 02:21 bijgewerkt ]

Het boek 'De Grote Brand van 1905 en de geschiedenis van de Brandweer Vriezenveen is gepresenteerd. Tweede pinksterdag werd de tentoonstelling over de grote brand van Vriezenveen geopend en tevens het boek ‘De Grote Brand van 1905 en de geschiedenis van de Brandweer Vriezenveen’ gepresenteerd. Het boek, dat geschreven is door Hessel Boonstra bevat talrijke foto’s en andere illustraties, bijeengezocht door de auteur, in samenwerking met Minie Bramer, Jan Nijkamp en Jan Niphuis.

Het boek geeft in het eerste gedeelte de verslaglegging weer van de enorme ramp die Vriezenveen trof in de middag van de 16e mei in 1905. Boonstra kon helaas diepen uit weinig materiaal, omdat er weinig geschreven is over de brand. ‘Wat ik helemaal jammer vind is dat de mensen zelf vrij weinig opgetekend hebben van de ellende die ze hebben meegemaakt. Zo krijg je dus alleen de verslagen die in een krant hebben gestaan.

Wat wel heel erg leuk is en wat ook opgenomen is in het boek is een brief van een mevrouw Kloezen, die in 1975 de gemeente een brief heeft geschreven met haar herinneringen. Zij zat in 1905 op school op het Oosteinde en zij schrijft bijvoorbeeld over het klokgelui en langzaam de meldingen dat verschillende kinderen naar huis mochten gaan. Het is een prachtig verslag van iemand die het meegemaakt heeft’.

Hessel Boonstra is door zijn beroep en uit liefhebberij bekend met het ‘snuffelen’ in de archieven. Het boek is inmiddels nagenoeg klaar en op dit moment is hij erg actief met het verzamelen van alles wat met het spoor van Vriezenveen te maken heeft, om daar een boek van te maken. Daarbij komt hij tot zijn grote verrassing nu ook verschillende advertenties tegen in oude kranten die te maken hebben met de Grote Brand. ‘Bijvoorbeeld eentje in het Twents Zondagsblad die vermeld dat er extra stoomboten ingezet worden om het ramptoerisme naar Vriezenveen te brengen. En zo zijn er nog verschillende advertenties. Je weet niet wat je ziet! Ik was op zoek naar een artikelen voor mijn boek over treinen dat ik wil maken en dan zie je dit. Jammer, ik had de drukproeven al gezien en had er niks meer aan voor het boek. Maar we gebruiken het nu voor de expositie’, aldus Boonstra.

Hessel Boonstra beschouwt het als een gigantische verrassing dat hij benaderd werd door Jan Nijkamp, voorzitter van de Stichting 100 Jaar Grote Brand in Vriezenveen, om een boek te realiseren over de ramp en tegelijkertijd een overzicht van de Brandweer Vriezenveen te geven. Want dit laatste onderwerp –het tweede deel van het jubileumboek- kon door de schrijver compleet aangeleverd worden. Enkele jaren terug heeft Boonstra dit onderwerp al helemaal uitgeplozen en op schrift gesteld, met bijpassende illustraties. Er is uiteindelijk niets met het manuscript gebeurd en het belandde slapende in de kast. Dat het nu toch uitgegeven wordt vindt Boonstra geweldig.

Naar aanleiding van een door hem in 1990 samengesteld boek over de gereformeerde kerk in Vriezenveen, werd hem gevraagd door de destijds commandant van de brandweer, Henk Abbink, of hij niet een boek wilde samenstellen waarin de brandweer Vriezenveen helemaal belicht werd. Boonstra stemde hierin toe, mits hij voldoende materiaal voor het boek op tafel zou weten te krijgen. En dat bleek geen enkel probleem te zijn. Na veel navorsingen en benadering van diverse bronnen kon de ambtenaar een compleet overzicht geven van de Vriezenveense brandweer, wat betreft kazernes, voertuigen, bluswatervoorzieningen, personeel en nog veel meer. Het complete manuscript werd uiteindelijk aan de toenmalige opvolger van Abbink gegeven, maar daar stopte de poging om een mooie uitgave hiervan te maken. De vreugde van Hessel Boonstra was dan ook groot toen hem gevraagd werd het boek over de brand en ook de brandweer te laten verschijnen.

Het jubileumboek wordt gedrukt door drukkerij Boswinkel en ook de omslag is door haar ontworpen. De auteur zegt 100% tevreden te zijn over het resultaat. ‘Ik ben hartstikke blij dat dit zo gebeurt. Het was een hele klus. Vele avonden zijn we met z’n allen beziggeweest om foto’s en illustraties erbij te zoeken, zowel uit het gemeentearchief, het archief van de brandweer, als uit het archief van het museum. Er zat heel wat tijd in. En nu is het klaar. Ik ben er blij om, want nu kan ik door naar het volgende project en dat is een boek over het spoor. Het gaat met name over het lijntje Almelo-Mariënberg, daarbij de 2e aanleg van de lijn en specifiek de Vriezenveense geschiedenis. Gelukkig heb ik nu weer tijd om me daar helemaal op te gooien’. Het boek over de Grote Brand en de Brandweer Vriezenveen is vanaf 16 mei verkrijgbaar bij het museum Oud Vriezenveen.

Artikel uit De Twenterand Courant van 12-05-2005.

Uitgebreide modeshow tijdens herdenkingsweek in Vriezenveen

Geplaatst 25 aug. 2010 02:19 door Vereniging Oud vriezenveen   [ 25 aug. 2010 02:20 bijgewerkt ]

Witte was bleken in de maneschijn en als het vriest. Alleen op de heg, anders is er kans op poezen- en hondenpootjes. Tijdens de herdenkingsweek van de Grote Brand van 16 tot en met 21 mei is er een uitgebreide modeshow op 20 mei, die de kleding ‘van toen’ toont.

Een groot aantal mannequins en dressmen hullen zich vanaf 15.00 uur in de klapbroeken, daagse kleding, uitgebreide rouw en de kieltjes, om daarmee de belangstellenden een kijkje in het verleden te gunnen wat betreft de kleding. En dat zal ongetwijfeld met een glimlach bekeken worden. De doorgaans volumineuze kleren konden -heel begrijpelijk- niet na een keer dragen in de wasmand. Als het echt niet anders kon werd er een wasbeurt gedaan. En zoveel variatie als tegenwoordig was er in het verleden niet. De kleding behoorde bij de uitzet voor het leven en dat betekende dat modegrillen niet werden gevolgd, want dat verschijnsel bestond toen nog niet.

Minie Bramer, Fine Hulsegge en Dine Peddemors zijn verantwoordelijk voor dit historische modespektakel tijdens de herdenkingsweek en zij laten graag een aantal kledingstukken zien die er geshowd moeten worden. Op de bovenverdieping van het museum Oud Vriezenveen –strikt verboden voor degene die hier niets te zoeken heeft- is een soort van opslagplaats, waar de al klaargemaakte kleding in rekken opgehangen is. Alles voorzien van opgespelde briefjes met de namen van de mannequins en de dressmen. ‘We hebben veel moeten veranderen’, vertelt mevrouw Peddemors. ‘Maar niets is definitief veranderd. We willen de kleding in de originele staat houden en als het iets te groot was bijvoorbeeld, dan hebben we dat met een rijgsteek korter gemaakt. Dat kun je er gemakkelijk weer uit halen’. Maar ook is er hier en daar verstelwerk uitgevoerd, want het moet er natuurlijk perfect uitzien. Zo zijn er oneindig veel knoopjes, haken en ogen aan de kleding genaaid. En dat is mooi meegenomen. De drie dames konden daarbij rekenen op hulp van de textielgroep van het museum, waar zij erg dankbaar voor zijn.

Mevrouw Bramer vertelt dat zij al maanden bezig zijn om de modeshow gestalte te geven. ‘Het is echt een hele klus. Eerst moet je een behoorlijk draaiboek maken en dan de kleding uitzoeken en helemaal pasklaar maken voor degene die op het plankier moet’. Het wassen van de kleding was daarbij ook nog eens een hele toer. Niet alles was wasmachine bestendig en veel moest er ‘op de hand’ gewassen worden, terwijl de mutsen opnieuw geplooid werden en dat vereist kennis. Snel nog even een tip van de dames voor degene die op een natuurlijke manier de witte kleding graag wit wil houden: bleken in de maneschijn! Tijdens volle maan kan men de witte was op het ‘bleekveld’ leggen en het wonder gebeurt: de was wordt perfect wit. En als het hard vriest is dat eveneens een gratis witwasser als de was buiten neergelegd wordt. ‘Maar’, waarschuwt mevrouw Bramer lachend, ‘wel uitkijken. Vroeger legden ze de was veiligheidshalve op de heg. Als je het op het bleekveld legde, dan was alles wel wit, maar de kans dat je er poezen- en hondenpootjes op had staan was ook groot aanwezig. Dus op de heg ermee’.

De modeshow op 20 mei toont verschillende kledingstukken, van babykleding tot kleding voor volwassenen. Deze kleding is volgens mevrouw Bramer vanaf het begin van het ontstaan van de oudheidkamer binnengebracht door de bewoners van Vriezenveen. ‘Meestal hebben de mensen wel wat thuis liggen en dan weten ze niet wat ze er mee moeten. Dan brengen ze het hier en wij zijn er heel erg blij mee’. Mevrouw Peddemors vertelt dat ze een tijdje geleden een jurk heeft gekregen van iemand die tijdens de periode van de Rusluie in Rusland is gedragen. ‘Ze wilde het eigenlijk wegdoen, maar bracht het toch hier. Ik vind het heel belangrijk dat de mensen, als ze thuis nog historische kleding hebben, dat hier laten zien. Nooit weggooien in ieder geval’. De collectie van het museum is gevarieerd: babykleding, doopjurkjes, lakens en slopen en een doodskleed. ‘Ja, ook een doodskleed behoorde tot de uitzet, dat ieder meisje meekreeg als ze ging trouwen’, aldus mevrouw Hulsegge. ‘En met die uitzet moesten ze het ook hun hele leven doen’. Ze vertelt dat de kinderkleding helaas in de minderheid is in het museum. ‘Maar we hebben wel veel kleding voor ouderen. Ook veel mannenpakken’.

Het is aftellen nu voor de dames en hun textielgroep. En dan is het ook mooi geweest. Er moest hard gewerkt worden om er een aantrekkelijke modeshow van te maken, en ze denken zelf dat ze er wel in zijn geslaagd. Vrijdag 20 mei om 15.00 uur gaat de eerste mannequin de catwalk, die uitgezet wordt op het Tilanusplein, op. Tegelijkertijd zijn er een aantal kinderen, gekleed in historische kledij, dat als een soort van straattheater de spelletjes van vroeger gaat beoefenen, als onder meer tollen, hoepelen en ‘Zakdoekje leggen’. Ook wordt het straatbeeld tijdens de show gevuld met mensen die op ouderwetse fietsen rondjes rijden. Op het plankier showen als eersten zes VMBO-leerlingen, Mariël, Kirsten, Marloes, Karlien en Melissa het ondergoed en de daagse kleding. De kleding van de volwassenen worden getoond door Marit, Jené, Gerdien en Rianne. De dressmen voor de mannenkleding zijn nog niet bekend, maar daarvoor worden waarschijnlijk leden van de toneelvereniging Hildebrand ingezet. Bericht van de De Twenterand Courant van 12 mei 2005.

Albertus Kobus tekent voor decor van musical

Geplaatst 25 aug. 2010 02:17 door Vereniging Oud vriezenveen   [ 25 aug. 2010 02:19 bijgewerkt ]

Maker van de achtergronden voor de musical ‘Brand Meester’ is timmerman en hobbyschilder Albertus Kobus uit Vriezenveen. Voor een uur zang en dans heeft Albertus twee doeken geverfd, die vier meter hoog en vijf meter breed zijn.

Het was een behoorlijke klus het linnen met onhandzame maten te voorzien van een Vriezenveens landschap en een brandend Westeinde, geeft hij toe. ‘De doeken waren natuurlijk veel te groot om opgehangen te worden en dan te schilderen. Ik heb ze dus neergelegd in een leegstaande hal van het bedrijf waar ik werk en op die manier kon ik redelijk goed werken.’ Kobus nam, om aan zijn creatieve opdracht te voldoen, enkele weken geleden een snipperdag op en gewapend met een thermoskan koffie en twee crackers begon hij aan het karwei. ‘Het leek me het beste om beide doeken in een keer af te werken’, zegt Albertus. ‘Ik had geen zin om telkens een uurtje te schilderen ’s avonds na mijn werktijd. Ik was bang dat ik het overzicht dan zou verliezen.’ Dat bleek overigens toch nog wel een probleem te zijn en om de afbeelding op twintig vierkante meter doek goed te kunnen zien of het perspectief geen mankementen vertoonde, ging de schilder af en toe op een stoel staan om het resultaat van geringe hoogte te bekijken.

Hij begon met viltstift wat contouren te tekenen op het witte linnen en daarna konden de verfkwasten gebruikt worden. Het eerste doek laat een rustiek stukje Vriezenveen zien in 1905, waar het voorjaar vredig is uitgebeeld met veel groen, bloemen en zelfs koetjes. Het tweede doek is heftig en toont huizen in lichterlaaie. Centraal in dit decor is het stuk spek in de lucht, dat destijds samen met de wind de grote boosdoener was van de Grote Brand. De mensen hadden zijden spek in de keuken hangen en tijdens de brand explodeerden die. In een spectaculaire vlucht door de lucht belandde het spek op de daken van de volgende woningen, die daardoor in brand vlogen. Dat belangrijke onderdeel van de Grote Brand mocht natuurlijk niet ontbreken op het decor.

Albertus Kobus is tevreden. Het brandschilderij is opgehangen en het is de eerste keer dat de schilder zijn eigen werk in verticale stand kan bekijken. ‘Ja, ik vind het goed zo. Gedetailleerder kan bijna niet door de vlammen. Ik wilde de indruk wekken van een grote uitslaande brand en de rest moet het publiek er maar bij denken. Ik heb ook nog van allerlei kleuren rode en witte stof repen gescheurd, die aan beide kanten van het toneel door een windmachine worden aangejaagd. Zo lijkt het net alsof het vuur verder gaat.’

De doeken zijn klaar, nu moet Kobus zijn andere talenten nog gebruiken om bijpassende attributen in elkaar te timmeren. Inmiddels heeft hij voor op het toneel al hekjes getimmerd, zoals die vroeger in Vriezenveen voor de huizen stonden. ‘Nu moet ik nog een verhoging voor de koningin in elkaar timmeren. Koningin Wilhelmina bezocht met haar man een paar dagen na de brand Vriezenveen en natuurlijk komt ze ook in de musical voorbij.’

Artikel uit De Twentsche Courant Tubantia van 09-05-2005.

Musical brengt Grote Brand tot leven

Geplaatst 25 aug. 2010 02:11 door Vereniging Oud vriezenveen   [ 25 aug. 2010 02:17 bijgewerkt ]

‘Brand Meester’ is de titel van de musical die op dit moment ingestudeerd wordt als onderdeel van de herdenking rond de Grote Brand, die honderd jaar geleden heeft plaatsgevonden. Op dit moment wordt hiervoor druk gerepeteerd in de Shalomschool te Vriezenveen.

Van 16 tot en met 21 mei zijn er dagelijks allerlei evenementen en de musical is één onderdeel. Muziekdocent Jan IJmker is de auteur van het muziekspektakel; hij vertelt daar een jaar geleden mee te zijn begonnen. ‘Het is een soort van soundmix-idee. Ik heb als muziek bekende wereldhits genomen, dat ligt lekker in het gehoor en gemakkelijk voor de kinderen om het in te studeren. Ik had de teksten trouwens vrij snel op papier.’ Zo heeft IJmker bijvoorbeeld gebruik gemaakt van Abba’s tophit Money, money, maar ook een kraker uit de musical Fame wordt gezongen. Het geheel is een aaneenschakeling van leuke liedjes met passende teksten en de 24 scholieren doen hun best om het zo mooi mogelijk te vertolken.

De jeugdige zangers en zangeressen zijn gerekruteerd uit een aantal basisscholen. De leerkrachten hebben zelf eerst drie kinderen uit de groepen zeven en acht gekozen, waarna er in oktober een auditie was voor de rollen. Lillian Ho Sam Sooi is de regisseuse van de musical en zegt erg tevreden te zijn. Lillian is helemaal op haar plaats als regisseuse. Ze danst al jaren bij het Almelose operettegezelschap Servus en brengt deze ervaring graag in de praktijk.

Vlammen
Behalve de zang wordt er ook veel gedanst en terwijl de kleine choreografie bedacht is door Lillian, worden de grote dansen gemaakt door de jazzselectie van de gymnastiekvereniging KEV. Leden van deze jazzgroep dansen ook nog eens mee als vlammen in het stuk ‘Brand Meester’. ‘We krijgen zoveel medewerking! Dat is echt heel fijn’, zegt Lillian dankbaar. ‘We mogen bijvoorbeeld elke dag oefenen in de Shalomschool. Prachtig hoor.’

Joke Webbink is verantwoordelijk voor de kleding van de jonge musicalsterren en tijdens de repetitie zit zij dan ook achter het tafeltje met naald, draad en kopspelden. ‘Samen met een aantal moeders maak ik de gewaden. Zo’n project kun je natuurlijk niet alleen doen. Er moet geknipt, genaaid en gestreken worden. Er is hard gewerkt door de dames. We hebben nog niet alles compleet, maar ik moet zeggen dat, wat er al is, heel mooi geworden is.’ Joke biedt verder ook bij andere zaken de helpende hand.

Er wordt dagelijks hard gerepeteerd. Vanaf half zeven tot acht uur. Als de kinderschare wegtrekt en de medewerkers de rommel opruimen, zegt Lillian in het voorbijgaan dat het allemaal heel erg druk is. ‘Maar heel leuk’, voegt ze er lachend aan toe. ‘Ik denk dat als het afgelopen is de kinderen elkaar heel erg gaan missen. Wij met elkaar trouwens ook. Er is telkens prima overleg. Maar?’, voegt ze er eerlijk aan toe, ‘als het in mei afgelopen is, is het ook wel weer goed. Dan is er weer tijd voor iets anders.’

Kaarten voor de musical, die opgevoerd wordt op 17, 18 en 19 mei zijn verkrijgbaar op alle basisscholen, het museum Oud Vriezenveen en bij drukkerij Boswinkel. De kaarten kosten per stuk een euro. De musical duurt een uur en begint om 19.00 uur. De zaal is open rond 18.40 uur.

Artikel uit De Twentsche Courant Tubantia van 09-05-2005.

1-10 of 30